Saskia Teppema
« Vorige

Naar de dokter of naar iemand die je helpt beter te worden?

 

‘Het certificaat hangt aan de muur achter hem. Doctor in de orthopedie. Ik kijk langs hem heen als ik naar zijn analyse luister. Ik moet hem eigenlijk aankijken maar de lijst met de gekalligrafeerde letters dringt zich op. Het is niet goed met mijn schouder. Ik moet daar een prik in hebben want ik ben nu in fase één van de pijn. Het zal nog erger worden: dan nog fase twee en pas bij fase drie zal de pijn zakken. 'Twee jaar, maar meer waarschijnlijk dat het vijf jaar duurt'. Dat is zijn ervaring en hij kan het weten, het getuigschrift hangt daar niet voor niets. Of wil ik eigenwijs zijn en geen prik nemen? Ik ben als was in zijn handen. Er is maar een ding en dat is dat ik van de pijn af wil. ‘Straks gaat uw andere schouder nog mee doen, en dat wilt u toch niet, mevrouw?’ Hoezo, die gaat meedoen, een schouder is al erg genoeg. De dokter legt het verder uit. Spanning gaat meestal in beide schouders zitten, dus hij kan preventief ook daar een prik in geven. ‘Evidence based mevrouw, ik heb al heel wat pijnlijke schouders voorbij zien komen’. Ja, dat geloof ik best. De wachtkamer bij deze superspecialist zit vol. Hij kijkt op zijn horloge. ‘Zullen we dan maar?’

 

Het wordt een beetje zwart voor mijn ogen. Ik weet het niet meer. Hoewel ik me gevangen voel in de pijn, die ik bij iedere stap voel en ik bang ben voor de tintelingen in die andere schouder, twijfel ik. De dokter kijkt me over zijn bril gemaakt vriendelijk aan. Ik zie dat hij wil opschieten. Hup prik erin en ik kan vertrekken. ‘Nou nee, dokter’, zegt een stem die uit mij komt, ‘ik wil… ik ga het nu eerst…. Ik maak toch liever een andere afspraak….’ De dokter gaat achterover zitten, vouwt zijn vingers tegen elkaar en zegt: ‘Prima mevrouw. Tot ziens’.

 

Ik struikel haast mijn stoel uit, knik en loop naar de deur. Links en rechts van de deur hangen nog meer certificaten, een met een foto erop. ‘Goedemiddag, dank u wel’, breng ik nog uit. Ik loop langs de assistente, kijk de drukke wachtkamer in en sla rechtsaf de lange gang in.

De tranen staan in mijn ogen. Ik geloof niet in die prik, maar wat dan? Ik heb nu een half jaar pijn maar er is toch niets mis met mij? Ik was toch altijd gezond?’

 

 

Met dit verhaal komt Charlotte in de Cirkel. Ze knijpt in haar handen en haar gezicht is één en al spanning.

‘Ga eens goed op je stoel zitten. Voeten op de grond. Adem naar je buik. Zo ja. Even niks. Wie is de ik die pijn heeft?’ vraag ik.

‘Het is allemaal mijn eigen schuld!’ roept ze als antwoord uit en begint te huilen. Schuld. Ja, daar is ie. Deze onzinnige gedachte wordt met alle ter beschikking staande wapens verdedigd.

 

De Cursus in Wonderen zegt in hoofdstuk 13. 1, 11: ‘Het ego leert jou jezelf aan te vallen omdat je schuldig bent en dat moet de schuld wel vergroten, aangezien schuld het resultaat van een aanval is. In wat het ego onderwijst valt dan ook niet aan schuld te ontkomen.’

 

Schuld is een universele gedachte van het Ego. Ik ken niemand die er nooit last van heeft of heeft gehad. De Liefde heeft niets met schuld. En als je echt goed kijkt, eerst naar anderen, dan heel eerlijk naar jezelf, dan weet je en dan zie je dat je onschuldig bent. Wat er ook gebeurd is, wat je ook gedaan hebt. Als je de gedachte dat ook jij onschuldig bent, begint aan te nemen, vaker te denken en tot slot te geloven, dan verandert werkelijk alles. Dan kan je lichaam zich resetten van welke pijn dan ook. Dan kun je ophouden met jezelf te geselen, te straffen en naar beneden te halen.

Charlotte’s lichaam is compleet verslaafd aan die negatieve overtuiging. Dus behalve rust, wandelen en ontspanning moet ze aan het werk. En het werk is iedere dag weer, minstens drie maar liefst tien keer per dag de waarheid toelaten. ‘Ik ben onschuldig en ik vergeef mezelf dat ik zo lang geloofd heb dat ik schuldig ben. ‘Laat de tranen maar komen, tranen die de ziel schoonwassen en die voor opluchting zorgen. Vergeef jezelf ook voor je koppigheid die je ego zo lang gekoesterd heeft. Loslaten en de liefde leren voelen.

 

Liefde wacht. Net zolang tot Charlotte besloten heeft om uit haar verslaving te stappen en van zichzelf te leren houden. Dat is een complete cursus. Gelukkig bestaat die Cursus en gelukkig hoeft ze het niet alleen te doen. Ze is altijd welkom.

 

 

Kom, kom, waar je ook bent!

Zwerver, zoeker, ontsnapper, vreemdeling voor jezelf,

Onze reis is geen karavaan van wanhoop

Het geeft niets als je je voornemens weer hebt laten varen

Het geeft niets als je jezelf hebt verloochend en bent kwijtgeraakt

Al heb je dat duizend keer gedaan, kom toch.

 

En ook dan, kom. Kom.

 

Jalaluddin Rumi (1207-1273) 

 

 

Er zijn nog geen berichten geschreven, doe dat hieronder
Geschreven op: 02-06-2020